De stadswijk Noordhove - sinds 1985
De stadswijk Noordhove vormt samen met de stadswijken Rokkeveen, Oosterheem en de aangrenzende bedrijventerreinen de zogenaamde tweede schil van Zoetermeer. Het is de eerste stadswijk die grotendeels voor de eigen woningbehoefte is gerealiseerd. Lang voordat de eerste schil, de vier quadranten rond het oude dorp, volgens het Structuurplan Groot Zoetermeer klaar was, kwam uit onderzoek naar voren dat na voltooiing ervan in hetzelfde hoge tempo doorgebouwd zou moeten worden aan de groeikern om aan de vraag naar woningen in de regio om Den Haag en Zoetermeer zelf te kunnen voldoen. In tegenstelling echter met het kraakheldere structuurplan voor de eerste vier stadswijken ontbeerde Zoetermeer een vastgesteld structuurplan voor de omvangrijke uitbreidingen (de vijfde en zesde stadswijk) die onder druk van het rijk eind jaren zeventig op het programma werden gezet. Er ontbrandde zelfs een locatiekeuzeaffaire met als tegenspelers de provincie Zuid-Holland en de gemeente Zoetermeer. Deze liep zo hoog op dat Gedeputeerde Staten goedkeuring onthielden aan het door de gemeenteraad in 1982 vastgestelde bestemmingsplan Noordhove, omdat het in strijd was met het Streekplan Zuid-Holland. In het streekplan werd het Groene Hart tussen Zoetermeer en Benthuizen opengehouden, terwijl Zoetermeer daar liefst zo snel mogelijk 6.000 woningen wilde bouwen. Ernstige vertraging en een compromis waren onvermijdelijk. Op 2 februari 1984 werden de strijdende partijen bij de ministers Winsemius en Brokx ontboden om in te stemmen met een uit drie hoofdpunten bestaand voorstel. Op de locatie Noordhove mocht tot 1990 slechts een eerste tranche van maximaal 2.250 woningen worden gerealiseerd. Pas na de realisatie van de stadswijk Rokkeveen zou bekeken worden of een tweede, ten hoogste even grote tranche nodig was. Er diende een scheidingszone tussen de stadswijk Noordhove en Benthuizen te worden aangelegd, zodanig dat de stadswijk Noordhove in de toekomst nooit verder uitgebreid zou kun en worden. Overigens was kort daarvoor op hetzelfde hoge niveau besloten de taakstelling om de stadswijk Rokkeveen juist te verhogen tot 9.000 woningen. Aldus geschiedde. Hierdoor kwam de afronding van de stadswijk Noordhove pas in 1994 aan de orde, het jaar waarin de Vierde Nota over de Ruimtelijke Ordening Extra verscheen. Hierin werd officieel een punt gezet achter de groeikernstatus van Zoetermeer, maar niet aan de groei zelf. Binnen de V.I.N.E.X.-regelgeving, die geldt tot 2005, kunnen regio's meer zelf beslissen over de bouw van nieuwbouwstadswijken. Dit betekende in de praktijk dat er gewoon doorgebouwd werd aan de afronding van de zesde en zelfs kon worden begonnen aan de zevende stadswijk van Zoetermeer met extra aandacht voor milieuaspecten en een beperking van de automobiliteit.
Bron: Gemeente Zoetermeer, De Gave Stad
| |||||||||||||||||