De stadswijk Rokkeveen - de ruimtelijke opzet

De stadswijk Rokkeveen is met 8.600 woningen en circa 20.000 inwoners op circa 470 hectare de grootste stadswijk van Zoetermeer. Het is de enige stadswijk die ten zuiden van de infrastructuurbundel A12 en spoorlijn Den Haag-Utrecht is gelegen. Hoewel de aanwezigheid van de rijksweg en spoorbaan een enorme barrière vormt voor fietsers en voetgangers (er zijn voor hen slechts twee onderdoorgangen en één overbrugging) is de aantakking aan het hoofdwegenstelsel en stadswijkontsluiting op de beproefde Zoetermeerse manier aangelegd, namelijk om de stadswijk heen (de Zuidweg en de Oostweg), met een beperkt aantal 'inprikpunten'. De rondweg is niet helemaal compleet: het stopt bij de Vierde Stationsstraat en is niet doorgetrokken naar de hoofdentree van de stadswijk, de lus bij de snelweg. Hiermee ontstaat in het westelijke deel van de stadswijk Rokkeveen een directe en 'zachte' overgang tussen de bebouwing en het omringende open landschap, in tegenstelling tot de zuidrand van de stadswijk langs de drukke Oostweg en de oostrand bij bedrijventerrein Lansinghage. Ook rond de stadswijk Rokkeveen-West loopt geen grote ontsluitingsweg, het Balijbos sluit hier de stadswijk op een groene wijze af. De belangrijkste wegen in de stadswijk Rokkeveen voeren voornamelijk langs singels die vaak slechts aan één kant bebouwd zijn, waardoor de stadswijk al op het eerste gezicht een ruime en groene indruk maakt. Ook de overige wegen met hun vaak brede profielen (parkeren in de dwarsrichting en weelderige beplanting) dragen daaraan bij. Dat dit op zo'n consequente wijze is gedaan is kenmerkend voor de stadswijk Rokkeveen. De stadswijk bestaat uit zes verschillende stadsdelen gelegen rondom het Burgemeester Hoekstrapark: Oost (binnen het vierkant), de omgeving van de Tweede en Derde Stationsstraat, Zuid (ten westen van het Burgemeester Hoekstrapark), het Centrum (van de Madame Curiesingel tot aan de Florahoek), het kantorengebied ten noorden van het winkelcentrum Rokkeveen en tenslotte Rokkeveen-West (ten noorden van de Florasingel en -zoom). Deze stadsdelen scharnieren rond de verkeerslus, die de Afrikaweg verbindt met de Zuidweg. De Houtsingel, de Einsteinsingel en de Madame Curiesingel-Tintlaan zijn de op deze lus gerichte rechte hoofdverbindingslijnen naar de stadswijkdelen. Al deze deelgebieden hebben een eigen hoofdkarakteristiek, vooral tot uiting gebracht in de aangebrachte verkavelingen en de voorgeschreven architectuur. De dichtheid van de bebouwing neemt weliswaar naar het westen toe af, maar ook dat is een formeel uitgangspunt geweest. De hoofdprincipes van de ontwerpers zijn door de gehele stadswijk heen herkenbaar: er is een formele hoofdstructuur met lange rechte lijnen, assen en hoeken (zoals de Spectrumsingel en het Ganzevoetpad), gekoppeld aan grote, vooral op de kaart of vanuit de lucht goed herkenbare geometrische figuren als de cirkel, het vierkant en de driehoek waarin diverse buurten zijn ingepast. Deze primaire vormen zijn niet in eerste instantie ontstaan uit noodzakelijke stedenbouwkundige eisen, maar werden ‘gecomponeerd’ door de ontwerpers. Eén van hen, Ton Hinse, noemt de stadswijk Rokkeveen 'een verkapte liefdesverklaring voor de gridstad', overigens een unicum op dat moment in Nederland, en de invoering van de geometrische grondvormen 'een subjectief moment'. Dat niet elke stadswijk exact samenvalt met een dergelijke grondvorm is typisch voor de stadswijk Rokkeveen. In het ontwerp zijn meerdere 'ontwerplagen', als tekeningen op doorschijnend kalkpapier over elkaar heen gelegd, waardoor een complexere figuur is ontstaan. De oorspronkelijke landschappelijke ondergrond is één van die lagen die de stadswijk hebben vormgegeven. Een aantal middeleeuwse artefacten als de Delftsewallenwetering, de Pissenkade en de Landscheiding is weliswaar grotendeels gedempt of vergraven, maar het mozaïek van de oude polders keert verhevigd terug in dat van de stadswijkdelen. De gehandhaafde Stationsstraat speelt nu een andere rol. Het snijdt op een 'toevallige' manier door de stadswijk heen en fungeert als de stedenbouwkundige 'ruggengraat' van het buurtje ten noorden en zuiden van de Tintlaan.

De richtingen van de oude polderverkavelingen zijn met name in Oost en West bepalend geweest voor de richting van het stratenpatroon. In de stadswijk Rokkeveen-West is dat goed te zien, omdat enkele evenwijdig met de bebouwing lopende oude poldersloten nog in het Balijbos zijn terug te vinden. Eén historisch bouwwerk speelt in de stadswijk wel een zeer centrale rol, de watertoren De Tien Gemeenten. Dit kloeke, achtkantige bakstenen gevaarte van vijfenveertig meter hoog en ruim tien meter doorsnede stond voorheen op een onuitgesproken plaats aan de Stationsstraat, maar is nu het punt waaromheen de hele compositie van de stadswijk Rokkeveen lijkt te draaien. De toren is het mikpunt van de centrale as van het centrum van de stadswijk Rokkeveen én van het schegvormige Burgemeester Hoekstrapark, dat de hoekverdraaiing in de oude polderverkaveling tussen het oostelijke en het zuidelijke deel van de stadswijk Rokkeveen opvangt. Gebogen en geknikte bebouwing rondom de toren accentueren de buitensporige monumentale betekenis die eraan is toegekend. Als gevolg van de toepassing van grondvormen en de inpassing van historische linten ontstaan buurten die als 'scherven' tegen elkaar aanliggen. Dit was een uitstekende basis voor het realiseren van zoveel mogelijk diversiteit tussen de verschillende buurten, één van de belangrijkste uitgangspunten van het ontwerp. Opdrachtgevers en hun architecten kregen bovendien verplichte, gedetailleerde facetkaarten mee, die preciese randvoorwaarden aangaven ten aanzien van de architectuur- en verkavelingskarakteristiek, kleurgebruik, bouwkundige uitwerking en woningtypologie. Op deze manier hoopten de ambtelijke stedenbouwers te voldoen aan 'een gedifferentieerde maatschappelijke wens, alleen wel stedenbouwkundig gesitueerd'. Dit streven naar afwisseling en stedelijkheid binnen een beheerst beeld is op een aantal punten in de stadswijk Rokkeveen goed afleesbaar. Aan die beoogde stedelijkheid draagt het circulerend verkeersstelsel (doorkruisbaarheid in alle richtingen) en een zekere menging van functies stellig bij. Op buurtniveau is het groen geconcentreerd in een stadswijkpark en een beperkt aantal buurtparkjes van circa een hectare. Dit een economischer manier om met groen om te gaan dan bijvoorbeeld in de stadswijk Seghwaert, waar het groen is verspreid over vele binnenterreintjes.

De stadswijkdelen

Op de kaart lijkt de stadswijk Rokkeveen één van de meest geordende stadswijken van Zoetermeer. Zuiver geometrische vormen zijn op een tekening snel te bevatten. Omgezet in gebouwde vormen vereist het hulpmiddelen. Het stadswijkdeel Oost bestaat uit een vierkant van 840 bij 840 meter (dat zelf weer is opgedeeld in negen even grote vierkanten) met per definitie gelijke zijden. Het is dan zaak verschillen en herkenningspunten aan te brengen. De drie ontsluitingspunten van de Tintlaan, de Kleurlaan en de Pastellaan, zijn echter steeds ongeveer in het midden van de zijden gelegd, over het algemeen zonder dat die bijzondere positie wordt gemarkeerd. De zijde aan het Burgemeester Hoekstrapark en de Spectrumsingel heeft de meest stedelijke allure: een stevige wand wordt onderbroken door een reeks fraaie urban villa's. Aan de Roodblauwlaan zorgen losstaande bedrijfsgebouwen en woningen voor een aangenaam contrast met de aangesloten woningrijen aan de overzijde. Binnen het vierkant wordt een gevarieerd spel gespeeld met blokverkavelingen aan de randen en lineaire verkavelingen in het midden van de buurten. In de centrale buurt rond het stadswijkpark komen alleen maar lineaire verkavelingen voor. Een mooi voorbeeld van de ruimtelijke werking hiervan is het driehoekige parkje aan het Staalblauw, waarop geknikte straten plotsklaps uitkomen op een groen veld, dat wordt afgesloten door een stevige wand aan de Regenboogsingel. De beide driehoekige buurtparken met hun lange zijden gevleid tegen de diagonaal van het grote vierkant introduceren een verademende andere richting in het geheel. Deze is bovendien handig, omdat het voor het langzaam verkeer de kortste weg wijst naar het station. Terzijde van het grote vierkant ligt er in de smalle reststrook langs de Zuidweg nog een buurtje dat door de zeer brede Kleurlaan in tweeën wordt gedeeld. De oude Rokkeveenseweg, die vanuit Benthuizen in één rechte lijn tot aan de nu verdwenen Landscheiding liep, maar nu midden in de stadswijk doodloopt, zorgt met zijn gespaarde bebouwing voor een historische verankering. Het zuiddeel strekt zich trapeziumvormig uit parallel aan de Berkelseweg en wordt begrensd door het Burgemeester Hoekstrapark. Een slingerende weg langs het park zorgt hier voor een meer geleidelijke, landschappelijke overgang naar deze grote groene wig. Het stadswijkdeel Zuid wordt in tweeën gedeeld door het restant van de Pissenkade en een begeleidende singel. Zuid is in zijn geheel lineair verkaveld en in de architectuur is afscheid genomen van het al te strakke kubisme van Oost. Het centrumgebied en de aangrenzende kantorenstrook tussen de watertoren en de verkeerslus herbergen centrumvoorzieningen en kantoren langs gebogen singels die uitkomen op de Zuidweg. In het uit gekromde zones opgebouwde centrum is stedelijke dynamiek tot uitdrukking gebracht in 'moderne varianten van horizontale architectuur'. Een reeks hoge kantoorgebouwen rond de verkeerslus en langs de Zuidweg voorzien de stadswijk Rokkeveen van een gezicht aan de rijksweg, dat in de loop van de tijd steeds herkenbaarder zal worden. Een markante overkapte overbrugging van de verkeersbundel ter plekke van het dubbelstation is de navelstreng die de stadswijk Rokkeveen met de rest van Zoetermeer verbindt. Het westelijke deel, waarin in 1992 de Floriade is gehouden, vertoont een buurtpatroon binnen een vierkant van 500 bij 500 meter, maar is nu doorsneden door een driehoek met drie assen, waarvan één in de vorm van een opvallend dijklichaam, gericht naar het hoofdwinkelcentrum. Dankzij de Floriade, waaraan de stadswijk het driehoekige Florapark, de cirkel van de Floraplas en de eveneens driehoekige parkachtige overgang naar het Balijbos heeft overgehouden, is dit het meest natuurrijke stadswijkdeel van Rokkeveen geworden. De buurten van West zijn na afloop van de Floriademanifestatie voorzien van ensembles in een historiserende stijl, afgewisseld door eigentijdse urban villa's en recentelijk afgerond door een losse villaverkaveling aan de plas met een op de Amerikaanse suburbane life style geïnspireerde architectuur.

Bron: Gemeente Zoetermeer, De Gave Stad

De ontwikkeling
in de stadswijk Rokkeveen
De historische infrastructuur
in de stadswijk Rokkeveen
De ruimtelijke opzet
in de stadswijk Rokkeveen
Het groen en water
in de stadswijk Rokkeveen
 
De architectuur
in de stadswijk Rokkeveen
De recente ontwikkelingen
in de stadswijk Rokkeveen
De bijzondere kwaliteiten
van de stadswijk Rokkeveen