De stadswijk Palenstein - de architectuur

De architectuur van de flats en van de eengezinswoningen is tot stand gekomen door een vergaande standaardisatie van de bouwmethode als gevolg van de toepassing van systeembouw. Deze kende drie varianten: de stapelbouw, die in Driemanspolder is toegepast, de gietbouw en de montagebouw. De galerijflats zijn gebouwd volgens de gietbouwmethode waarbij het beton op de werkplaats in bekistingen werd gestort tot vloeren en wanden. 560 Flats werden in zijn totaliteit opgetrokken door aannemer EBA N.V. te Amsterdam volgens het gietbouwsysteem EBA II. Het ontwerp is van architectenbureau Zanstra, Qmelig Meyling en de Clerq Zubli uit Amsterdam. Met name Piet Zanstra heeft vele woningbouwprojecten uitgevoerd in Den Haag. Zijn manier van bouwen wordt gekenmerkt door een vrij rigoureuze, recht toe recht aan stijl, die ook tot uitdrukking komt in de Zoetermeerse flats. De onderbouw van de flats is teruggelegd en oorspronkelijk uitgevoerd in donkerbruin metselwerk. Daarboven zijn de woningen gelegen die via de galerijen toegankelijk zijn. Een aantal trappenhuizen, geplaatst in het midden van de blokken of in de knik, ontsluit de flatwoningen. De woningen zijn over de volle breedte voorzien van deur- en vensterpuien die alle op dezelfde wijze zijn ingedeeld. De indeling is standaard: aan de galerijkant bevinden zich de keuken, de entree en twee slaapkamers en aan de balkonkant de woonkamer en twee slaapkamers. Tussen de slaapkamers bevinden zich de hal, het toilet, de douche en de berging. Hier is ten opzichte van de traditionele eengezinswoningen sprake van een omgekeerde woningplattegrond. Niet de woonkamer bevindt zich naast de entree en gang aan de voorzijde, maar de keuken die voorheen altijd achterin het huis was gesitueerd aan het eind van de gang. Een trend die al eerder voorkwam (bijvoorbeeld in de woningen aan het Wilgenplein in de stadswijk Dorp), maar die met de bouw van galerijflats echt in zwang raakte. Oorspronkelijk waren de galerijen afgesloten door pijltjeshekken met gesloten stroken van witte platen ter plaatse van de voordeuren. Deze werden in 1980 vervangen door de huidige open balkonhekken. Vanwege betonrot werden de prefab galerij- en betonplaten ook vervangen.

Intervam bouwde 540 flats die vrijwel gelijk zijn aan de EBA-flats, alleen zijn er enige verschillen in de woonhuisplattegronden en is hier voor de kopgevels voor een lichte beige/gele baksteen gekozen. Deze bouwmaatschappij maakte gebruik van het RBM-gietbouwsysteem. De Intervamflats bezaten van het begin af aan open balkonhekken. Door de vervanging van de gesloten hekken van de EBA-flats is het onderscheid aan de buitenzijde tussen de flats weggevallen. In de tweede helft van de jaren negentig kreeg de buitenkant een opknapbeurt. De entrees werden verfraaid met opvallende luifels en de liften/trappenhuizen kregen door de toepassing van gekleurde buizen een vertikaal accent. Het ontwerp is van A3 Architecten te Rotterdam. Ook de bergingen werden verbeterd. De eindeloos lijkende horizontale ritmiek van de gevels van de galerijflats wordt verlevendigd door het contrast tussen de donkere baksteen en de licht getinte pui-invullingen, de balkonhekken en de betonnen galerijplaten op consoles.

De drie torenflats van twintig lagen langs de Van Aalstlaan zorgen voor een verticaal accent in de stadswijk. Ze zijn een ontwerp van architecten- en ingenieursbureau Bakker en Bakker te Amsterdam. Elke woontoren bevat 160 woningen. In de onderbouw zijn de centrale hal, het trappenhuis, de dienstruimten en de bergingen gesitueerd. Twee van de torens werd voorzien van een parkeergarage. Iedere auto kreeg zijn eigen (gehuurde) vak. De garages zijn in de jaren negentig verwijderd. De vierde toren, als onderdeel van het winkelcentrum aan het Croesinckplein is ontworpen door architectenbureau W.J. Fiolet en M.E. Limburg uit Rotterdam. De toren is opgetrokken uit licht gekleurd metselwerk met betonnen dakranden en sierlagen. Onder de kantoren bevindt zich een open parkeergelegenheid.

Ook in de traditionele gezinswoningen met kap is standaardisering van de bouwmethode toegepast hetgeen een inwisselbare architectuur heeft opgeleverd. De 348 woningwetwoningen zijn ontworpen door architectenbureau L.J. Cusell, J. Cusell en A.H. Willems uit Den Haag en architectenbureau W.H. Verschoor uit Rijswijk. De Fort-woningen zijn gebouwd volgens het Fort montagebouwsysteem. Bij dit systeem werden de prefab onderdelen naar de bouwplaats getransporteerd en ter plekke gemonteerd. Architect P. Leenman uit Woudrichem had de directie over de bouw, en de uitvoering lag in handen van aannemer fa. Plomp uit Capelle aan de IJssel.

In architectonisch opzicht springen de woningen aan de Van der Werffstraat eruit. Ze zijn in 1970 gebouwd naar ontwerp van het architectenbureau Verschoor uit Rijswijk en gebouwd door aannemer L. Bontenbal. Zowel voor de situering rond een pleintje als voor de plattegrond van de woningen is het vierkant als basismodule gehanteerd. De woningen zijn twee lagen hoog met een plat dak. De uitkragende verdiepingen steunen op stalen kolommen waaronder zich open ruimten bevinden die benut worden als terras of als parkeerplaats. Aardige details als driehoekig uitgebouwde ramen verlevendigen de verder strak en sober gehouden gevels die in een ruwe, licht gekleurde steen zijn opgemetseld. Ook aan de Wolfertstraat staan enige woningen van dit type.

Bron: Gemeente Zoetermeer, De Gave Stad

De ontwikkeling
in de stadswijk Palenstein
De historische infrastructuur
in de stadswijk Palenstein
De ruimtelijke opzet
in de stadswijk Palenstein
Het groen en water
in de stadswijk Palenstein
 
Het bebouwingsbeeld
in de stadswijk Palenstein
De architectuur
in de stadswijk Palenstein
De recente ontwikkelingen
in de stadswijk Palenstein
De bijzondere kwaliteiten
van de stadswijk Palenstein