De stadswijk Meerzicht - de architectuur

Eén naam springt er direct uit bij de bouw aan de stadswijk Meerzicht, die van architect Leo de Jonge. De meeste flats en eengezinswoningen zijn ontworpen door zijn bureau. De grote 'mastodonten' in het parklandschap van de Bossenbuurt zijn allen van hem: het Fonteinbos, het Belvederebos, het Alferbos, het Zalkerbos, het Savelsbos, het Jagersbos, het Hoevenbos, het Laveibos, het Jonkerbos en het Kadoelerbos (1970-1971). Alleen voor de iets latere flat aan het Haagsebos heeft hij in 1972 een adviesfunctie vervuld. Ze zijn gebouwd door de twee grote bouwondernemingen Era en Intervam, volgens het gebruikelijke standaardbouwsysteem. De reikwijdte van de bouwkraan bepaalde mede de locatie en de hoogte. Leo de Jonge heeft gestreefd naar een grote diversiteit in plattegrond en gevelbehandeling. Er is één langgerekt blok aan het Laveibos, de rest heeft één of twee knikken of is haaks uitgelegd. Door de hoogte van een blok te laten verspringen, ontstaat en speelser gevelbeeld. De pui-invullingen zijn standaard evenals de indeling van de woningen. De keuken en studeer/slaapkamer liggen aan de galerijzijde, de woonkamer/slaapkamer aan de balkonzijde. Hier en daar is de eindeloze ritmiek van de balkonhekken onderbroken door een aantal balkons schuin uit de gevel te laten steken. Bij de flats ontwierp Leo de Jonge parkeergarages waarvan het dak benut werd als daktuin. De meeste parkeergarages zijn nu afgebroken, alleen de flats aan het Binnenwater en het Savelsbos zijn nog in het bezit ervan.

De bouw aan de stadswijk Meerzicht begon echter niet met de flats maar met het zogenaamde experimentele woningplan van Leo de Jonge in de Landenbuurt op 4 december 1969. Het betrof 626 eengezinswoningen en 310 carports, gegroepeerd rond woonpleintjes. De woningen kregen het predikaat experimenteel, omdat de indeling van de plattegronden inwisselbaar was door het gebruik van verplaatsbare wanden. De pleintjes of hoven waren gedacht als ontmoetingsplaats voor de bewoners van de huizen eromheen. Ook voor de eengezinswoningen probeerde men zo snel en efficiënt mogelijk te bouwen volgens standaardsystemen, maar tegelijk tegemoet te komen aan het bezwaar van een saaie en inwisselbare architectuur en weinig variatie, die inherent zijn aan deze systemen. Door gebruik te maken van standaardelementen, die steeds een veelvoud van 30 centimeter zijn, bereikte men een grote diversiteit in de plattegronden. Hoewel gestandaardiseerd werd zo zonder extra financiële kosten toch een variatie in woonvormen bereikt. Leo de Jonge hanteerde drie typen in de Landenbuurt: het smalle huiskamertype, het steunpunttype en het bajonettype. Vooral het bajonettype laat een ingenieuze plattegrond zien door de wijze waarop de tussenmuur van de buurhuizen ten opzichte van elkaar verspringt, zodat een half open keuken ontstaat. De woningen zijn aan de voor- en achterzijde bekleed met uitgewassen betongevelplaten (grintplaten). De gevelbehandeling van de woningen is gevarieerd. Zo heeft het bajonettype aan het Opsterland aan de voorzijde grote gevelplaten en een lage strook vensters onder de daklijst en het huiskamertype aan het Flevoland hoge vensters over de volle breedte gecombineerd met smalle gevelplaten. In het laagbouwbuurtje Bossenbuurt-Noord werden eengezinswoningen gebouwd, die als bijzonder kenmerk hebben dat met ijzeren consequentie per woning om en om de dakkapel of het dakvenster aan de voorzijde of aan de achterzijde is geplaatst. Ook deze woningen zijn gebouwd door Leo de Jonge. Hier paste hij twee typen toe: het tuinkamertype en het doorzontype. De verschillen komen tot uitdrukking in de raamindeling. Op verzoek van de welstandscommissie heeft Leo de Jonge de raampartijen aangepast, omdat de commissie de gevels 'meer dan armoedig vond'. Langs de rand verrezen in 1973 twee blokken terrasflats, de zogenaamde zoomwoningen van drie lagen hoog.

Langs de zuidkant van de Landenbuurt staat aan het Vlieland en het Waterland een ander type standaardwoning. Deze zijn in 1971 gebouwd naar ontwerp van architectenbureau D.T. van Manen H.B.O. uit Noordwijk aan Zee. Ook aan de noordelijke rand langs het Fivelingo en het Oostergo heeft deze architect gebouwd, het betreft drive-in woningen, die in zes blokken zijn ondergebracht. Zij bevatten een garage en een tuinkamer op de begane grond, de woonkamer en de keuken op de eerste verdieping en de slaapkamers en de badkamer op de bovenste laag. Een aantal drive-ins is voorzien van goed bij de architectuur passende identieke dakopbouwen. De uitgewassen betongevelplaten, die Leo de Jonge toepaste, zijn ook gebruikt bij de 466 woningen aan de Waterbuurt. Ze zijn gebouwd in opdracht van Philips Gloeilampenfabrieken in 1972. De overige groepen standaardwoningen in de stadswijk zijn van architecten, die net als Leo de Jonge, hun sporen in de wereld van het snelle bouwen al hadden verdiend. Architectenbureau F. Klein uit Groningen, die een ruime ervaring had met systeembouw en onder meer in Den Haag werd ingeschakeld voor de wederopbouwstadswijk Vrederust-West in Den Haag, bouwde in 1970 eengezinswoningen in de Bergenbuurt-Zuid aan de (Kozakkenberg, de Koerberg e.o. . Een detail is de uitgebouwde voordeuren die onderling door een brede plank voor de voorgevel langs met elkaar zijn verbonden. Helaas is op een aantal plaatsen de plank voor de vensters verwijderd. Deze architect heeft eerder de zogenaamde BOB-woningen in de stadswijk Driemanspolder gerealiseerd.

Later verguisd om hun utilitaire technocratische architectuur zijn Lucas en Niemeyer uit Voorburg. Het winkelcentrum Meerzicht is is naar ontwerp van hen, evenals het winkelcentrum De Vijverhoek in de stadswijk Driemanspolder). Het is opgebouwd uit vier flatblokken variërend van acht tot elf lagen, met daaronder winkels en kantoren, die rond een parkeerterrein zijn gesitueerd. Het winkelcentrum is naar binnen gericht, aan de kant van het parkeerterrein zijn geen etalages maar laad- en losruimtes en een hellingbaan naar een hoger gelegen parkeerterrein. De flats bezitten opvallende verticale bouwdelen, van lichtgrijze golfplaat, die als een band de gevels bekleden. Hierin zijn de liften ondergebracht. Het vroegere aangrenzende stadswijkcentrum van architect A. Alberts werd een aantal jaar geleden gesloopt.

Andere bekenden zijn J.W. Fiolet en M.E. Limburg uit Rotterdam, die eerder het winkelcentrum aan het Croesinckplein in de stadswijk Palenstein bouwden. In opdracht van het ABP realiseerden zij in 1973 de woondekken samen met 'gewone' eengezinswoningen in het noordelijke gedeelte van de Bergenbuurt-Noord. De woondekken zijn in U-vorm rond een rotonde gesitueerd. Ze bestaan uit halfverdiepte parkeergarages, waaraan splitlevelwoningen zijn gelegen. Deze woningen hebben zowel toegang tot de parkeergarages als tot het hoger gelegen woondek. Hier komt de voordeur uit op de loopstraat van het woondek, eronder bevindt zich de rijstraat met de garages en bergingen. Tussen de splitlevels staan op het dek patiowoningen. Beide typen zijn plat afgedekt. Zowel het college van Burgemeester en Wethouders als de welstandscommissie hadden aangegeven dat de huizen voorzien moesten worden van een kap. Na een toelichting van de architect ging men accoord met een plat dak voor de woondekken. De eengezinswoningen rondom de woondekken hebben wel een kap gekregen.

Het zuidelijke deel van de Bergenbuurt-Noord heeft dezelfde opzet met woondekken en eengezinswoningen, maar zijn van een andere opdrachtgever en architect. Hier bouwde A. Alberts uit Amsterdam de woningen in opdracht van de Stichting Bevordering Eigen Woningbezit. Deze zijn alle gedekt met een kap; zelfs de patiowoningen hebben een klein kapje. In doorsnede gezien tonen de woningen uiterst ingenieuze plattegronden met allerlei trapjes naar verschillende niveau's. Alberts heeft landelijke bekendheid verworven door het ING-gebouw uit 1987 in het hart van de Bijlmer en de gebouwen van de Gasunie in Groningen uit 1994. Deze woondekken betreffen een experiment met dubbel grondgebruik naar een idee van de gemeentelijke stedenbouwkundigen Leo Torn en Nico Versluys en uitgevoerd door de bovengenoemde architecten. De stadswijk Meerzicht had hiervoor de primeur; het experiment werd later herhaald in de stadswijk Buytenwegh.

Op naam van Jan Dekker uit Hazerswoude staat het buurtje aan de Paasberg e.o., grenzend aan de Berglaan en de Meerzichtlaan in de Bergenbuurt-Zuid, uit 1970. De architectenfamilie Dekker is jarenlang actief geweest in Zoetermeer. 'Stamvader' Jan Dekker, geboren in 1893, werd in 1925 opzichter gemeentewerken en ontwierp verschillende huizen in de stijl van de Delftse School. Ook in de eerste uitbreidingsstadswijk van Zoetermeer, het Dorp, was hij actief. De eengezinswoningen van Dekker in de stadswijk Meerzicht vallen op door hun subtiele geveluitvoering van zachtgele steen met op de scheiding van de woningen een penant van rode baksteen. Ook de kopgevels zijn rood, evenals een smalle strook naast de voordeur. De begane grond en verdieping worden van elkaar gescheiden door een smalle betonnen band boven het venster en de voordeur. Bij het buurtje horen drie blokken galerijwoningen, die in het groen langs de Berglaan en de Meerzichtlaan zijn gesitueerd. De onderbouw bevat huizen voor alleenstaanden. Deze beslaan driekwart van de diepte van het blok en komen met hun achterzijde uit op een corridor. Daarachter bevinden zich de bergingen van de drie woonlagen erboven. Aan de overzijde van de Berglaan aan de Tempelberg verrees in 1972 nog een buurtje van Jan Dekker. Deze eengezinswoningen worden gekenmerkt door een brede strook lichtgekleurde baksteen tussen de begane grond en de verdieping. Op de hoek Berglaan/Meerzichtlaan staat een kleine galerijflat van twee lagen. Deze bevat in de onderbouw vijf aangepaste woningen en op de eerste laag tien kleine woningen. Ook van Jan Dekker staan drie geschakelde blokken eengezinswoningen uit 1972 in de Waterbuurt aan het Korfwater en Kromwater. Zij hebben aan de voorzijde een doorlopend dakvlak waarin de garage is ondergebracht. De garages van de huizen worden door een brede doorlopende plank met elkaar verbonden.

De vraag naar een bijzonder stukje architectuur in de stadswijk Meerzicht of zelfs in heel Zoetermeer, dan worden de koepelwoningen van Benno Stegeman in de Landenbuurt steevast genoemd. De markante buurt met de witte huizen en de glinsterende oranje koepels waarvan het ontwerp uit 1969 dateert, springt dan ook meteen in het oog. De architect heeft gekozen voor gevels van lichtgekleurde kalkzandsteen. Blikvangers zijn de trappenhuizen die zijn afgedekt met een dubbelwandige oranje lichtkoepel. De blokvormige woningen van twee en drie lagen zijn sprongsgewijs verkaveld in een hofjesstructuur, waarbij openbaar en privé in elkaar overlopen. Tussen de koepelwoningen staan groepjes woningen in dezelfde uitvoering, maar dan gedekt door een dak (en zonder koepel). Behalve in Zoetermeer realiseerde Benno Stegeman ook in Zwolle een koepeltjesbuurt

Langs de randen in de stadswijk Meerzicht bevindt zich individuele bebouwing. Ook hier zijn standaardwoningen gerealiseerd. De meest opvallende zijn de woningen met schuin geplaatste spanten voor de voorgevel, zoals aan de Bisschopsberg het Leiwater. De woningen worden aangeduid als Eurekawoning, type Loena en zijn van het architektenburo Van Vliet-Van Vliet H.B.O. - Herpertz uit Leidschendam. Eveneens individueel is de bebouwing in het historische gedeelte van de stadswijk Meerzicht. In deze strook aan weerszijden van de Voorweg bevindt zich een flink aantal rijks- en gemeentelijke monumenten, vrijwel alle boerderijen. Topstuk is rijksmonument Hofstede Meerzigt aan de Voorweg 119 met het in classicistische stijl gebouwde landhuis. Verder is er een aantal niet beschermde maar wel karakteristieke, beeldbepalende woonhuizen te vinden, variërend van royale middenstandswoningen tot bescheiden arbeiderswoningen. Er is een grote variatie in bouwtijd, waarvan de oudste Meerzicht is. Het boerderijgedeelte stampt uit 1672 en het landhuis uit 1677, de jongste zijn enige woonhuizen, die voornamelijk uit de jaren zeventig van de twintigste eeuw dateren. Zij voegen zich goed in het historische beeld.

Bron: Gemeente Zoetermeer, De Gave Stad
Foto: Gemeentearchief Zoetermeer

De ontwikkeling in fases
in de stadswijk Meerzicht
De historische infrastructuur
in de stadswijk Meerzicht
De ruimtelijke opzet
in de stadswijk Meerzicht
Het groen en water
in de stadswijk Meerzicht
 
Het bebouwingsbeeld
in de stadswijk Meerzicht
De architectuur
in de stadswijk Meerzicht
De recente ontwikkelingen
in de stadswijk Meerzicht
De bijzondere kwaliteiten
van de stadswijk Meerzicht