Oude Kerk

In een Rotterdams krantenbericht uit de jaren '20 over Soetermeer kan men het onderstaande lezen.

'Zoo nabij gelegen en evenwel den meesten onzer bekend! En toch is Soetermeer een bezoek overwaard; men wordt er wederom doordrongen van het feit dat elke plaats van het aan kunst rijke Holland iets bezit, dat door schoonheid uitmunt. Te Soetermeer is dit voor alles de hooge Renaissancetoren, die statig naast de tegenwoordige kerk het op een der zijvlakken aangegeven jaartal van 1642 eerde aandoet en ons eraan herinnert, dat de zeventiende-eeuwse muze in hare beminnelijk vlucht ook te Soetermeer ophield'.

De schrijver spreekt in prachtige bewoordingen over de toren van de Oude Kerk, die ouder is dan de kerkzaal, die in 1787 gereed kwam. Aan de rode steenkleur, die van de toren is iets geler, is het verschil in jaartal van de bouw te zien. De voet van de toren is nog ouder en stamt hoogstwaarschijnlijk uit de 15e eeuw. In 1642 werd de toren herbouwd, nadat deze bij een flinke storm was ingestort. Waarschijnlijk stond er al in 1367 een kerk op de plaats van de huidige kerk. Toen het kerkgebouw in de 18e eeuw aan vernieuwing toe was, werd architect Carlo Giovanni Francesco ingeschakeld. Deze Italiaanse architect had zich in 1770 in Rotterdam gevestigd. Het was al gauw duidelijk voor hem dat de toren mocht blijven, maar dat de rest van het kerkgebouw herbouwd moest worden. En dat gebeurde ook. In 1785 werd door drie jongelingen de eerste steen gelegd. Een gedenksteen rechts van het ingangsportaal herinnert hier op originele wijze aan.

De kerk werd tegen de toren aangebouwd op een vierkante plattegrond, ingedeeld in een Grieks kruis met een aangebouwd rechthoekig koor tegenover de toren. In de kerk kan de ruimte door de vierkante pijlers en de verschillende gewelven, in het midden koorkoepels, in de zijruimten kruisgewelven, als een kruisvorm ervaren. Aan de buitenzijde is hier niets van te zien. In het oogspringend aan de zijde van de Dorpsstraat is het streng classicistische ingangsportaal waarboven een mooi rond venster prijkt. De vier granaatappels van grijze hardsteen symboliseren het lijden van Christus. De zwarte witte kroonlijst boven de muren van fijne baksteen is een heel duidelijk classicistisch element, dat haar stempel op het gehele uiterlijk drukt. Het dak van grijze leisteen heeft een hele aparte vorm: een omlopend schilddak om een afgeknotte piramidale vorm heen. Naast de toren rechts is een kleine aanbouw waarin ruimte is voor ondermeer de consistorie. De toren zelf wordt toegeschreven aan de Leidse bouwmeester Dirck van Brantwijck. Grote steunberen voorkomen dat de driedelige bakstenen toren scheefzakt op de zachte veengrond. Het bakstenen deel draagt de fraaie en zo typerende achtkantige houten renaiassance opbouw. In de 17e eeuw werden de vier wijzerplaten van het uurwerk bevestigd en pas in 1978 werd onder het koepeltje een carillon geplaatst.

Guidici, de architect van de kerk, had een protestantse opdrachtgever. Dit komt tot uiting in de vorm van de kerk, die niet naar een koor is gericht (basilicaal), zoals in Rooms-katholieke kerken gebruikelijk was, maar vierkant met als centrale punt de aan de zuidzijde van de kerk geplaatste kansel, de plaats voor de verkonding van het woord. Het wit geplijsterde lichte interieur met boogvensters wordt opgeluisterd door rijk meubilair: ondermeer de twee herenbanken, de preekstoel, de psalmborden en de grote koperen kronen.

De Oude Kerk is weliswaar de oudste kerk van Zoetermeer, maar draagt die naam pas sinds 1970. In dat jaar kwam een grote restauratie gereed en inmiddels was een tweede Hervormde kerk in gebruik genomen: de 'nieuwe kerk', die al spoedig de naam Morgensterkerk ging dragen.

Bron: Zeventien Zoetermeerse kerken
Foto: Zoetermeer in Beeld