Nutricia in ZoetermeerAan het eind van de 19e eeuw stierf in Nederland en andere landen van Europa ruim 20% van de zuigelingen in het eerste levensjaar. Meestal was de oorzaak een voedingsstoornis die voornamelijk optrad bij zuigelingen doordat zij in plaats van moedermelk als alternatief rauwe koemelk kregen. Pas na 1845 kwam er verbetering in de babyvoedingmethoden. Vooral doordat de medische wetenschap inzicht kreeg in de bacteriologie. In de jaren negentig van de negentiende eeuw stond er op de plek van de huidige fabriek van Nutricia de stoomzuivelfabriek 'Wilhelmina' van Martinus van der Hagen waar margarine geproduceert werd. Door de vele concurrentie stapte hij over op de zuivelproduktie, dat niet veel méér succes opleverde. Zijn broer kwam met de uiteindelijke oplossing aandragen. De Duitse professor Alexander Backhaus had een kindermelk bereid, dat een goede vervanging was voor moedermelk. Van der Hagen kreeg het exclusieve recht om de melk te fabriceren en te verkopen in de steden als Rotterdam, Den Haag, Leiden en Utrecht. Op verzoek van professor Backhaus werd de naam 'Wilhelmina' in 1901 gewijzigd in 'Nutricia', naar het Latijns nutrire, dat voeden betekent.
Naast de fabriek stond het in 1896 gebouwde woonhuis voor de directie/bedrijfsleiding van Nutricia. Later is het pand in twee bewoonbare gedeelten onderverdeeld. Het ene gedeelte werd bewoond door Bram de Nies, magazijnchef bij Nutricia. Het andere gedeelte diende als directiewoning en werd verder gebruikt als vergaderruimte of als hoognodige slaapplaats voor een directielid of een bezoeker. Doordat er op het terrein van de fabriek vrij regelmatig werd gebouwd en verbouwd is het huis na verloop van tijd verdwenen. Op de plaats van dit huis huisvestte later de melkontvangst. Deze melkontvangst bevond zich onder de luifel, rechts van de bedrijfsleiderswoning. De groei van Nutricia beperkte zich niet tot Nederland. Reeds in 1905 werden de eerste melkpoederproducten geëxporteerd.
In de eerste jaren van het bestaan van de fabriek lag de nadruk bij Nutricia op de produktie van zuigelingenvoeding. Onder de merknaam Nutricia werd aan het begin van de twintigste eeuw een groot aantal nieuwe soorten zuigelingenvoeding geïntroduceerd. Het assortiment werd aangevuld met boter, room, yoghurt en gesteriliseerde melk. De aanschaf van de Hatmaker-machines maakte het uiteindelijk mogelijk om melkpoeder te produceren, dat later een belangrijk exportprodukt voor Nutricia zou zijn. In 1924 werd een zuivelfabriek in Cuijk overgenomen ( later werd in 1963 in Bornem (België) een derde productieunit operationeel). In 1932 werd de basis gelegd voor het bekende Nutricia-produkt: Chocomel. Deponering van de oorspronkelijke naam 'Melcola' leverde wettelijke problemen op, waarna met het nieuwe produkt de naam Chocomel mocht dragen.
Om verzekerd te zijn van een min of meer constante aanvoer van de grondstoffen was Nutricia in Zegwaart eigenaar van meerdere percelen grond, waaronder vier boerderijen die verpacht werden. Deze pachters liet Nutricia voor de melkvoorziening zorgen. De bekendste boerderijen die in het bezit van Nutricia waren, staan er nu nog: 'Nutriciahoeve' en 'Lactohoeve' aan de Rokkeveenseweg. In de laatst genoemde boerderij is tegenwoordig de Pelgrimshoeve gevestigd. Nutricia bezat nog twee boerderijen aan de Rokkeveenseweg. Dit waren de boerderijen van Otto Vollebregt en de boerderij van Willem van Reeuwwijk.
Aan de Stationsstraat, ter hoogte van de huidige Zuidweg, bezat Nutricia ook nog een stuk land met 'gethyreodectomeerde' geiten. Deze geiten moesten dagelijks verzorgd en gemolken worden. Hiervoor had Nutricia personeel in dienst. De melk van deze geiten kon worden gebruikt voor de bestrijding van de ziekte van Basedow (struma). Bij de geiten was de schildklier operatief verwijderd, waardoor deze jodiumhoudende melk gaven. In 1906 begon Nutricia met het produceren van deze Basedowmelk. Aan het begin van de Tweede Wereldoorlog is Nutricia hiermee gestopt, zodat de Duitsers geen beslag op de geiten konden leggen. Hierdoor werd het park opgeheven en werden de geiten onder het personeel verdeeld. Het was 30 maart 1945 wanneer een geallieerde bommenwerper boven de Zoetermeerse polders vloog. De vliegenier had zijn doel, het los- en laadstation voor goederen bij het treinstation naast de rijksweg. De bom raakte niet het station, maar het ernaast gelegen bedrijf van Nutricia. De verwoesting was enorm. De achtergevel was in één klap veranderd in een ruine; alle ramen in het gebouw waren uit de sponningen geslagen en ging een groot deel van het bedrijfsarchief in rook op. De schade bedroeg 21.000 gulden, voor die tijd een enorm bedrag. Wonder boven wonder raakte niemand gewond en was de fabriek na drie dagen zelfs in staat om de productie van kindervoeding te hervatten. Het zuivelbedrijf had tot 30 maart 1945 nog redelijk gefunctioneerd. Gedurende de Tweede Wereldoorlog was (een groot deel van) het personeel van Nutricia vrijgesteld van tewerkstelling in Duitsland vanwege de belangrijke rol die Nutricia speelde in de voedselvoorziening. Nutricia kreeg voorrang bij het verkrijgen van bepaalde grondstoffen. Desondanks was het voor Nutricia lastig om het werk voort te zetten. De aanvoer van grondstoffen werd zo moeilijk, dat men moest overstappen op surrogaat-grondstoffen. De productie van Chocomel werd vanwege de schaarste aan cacao stopgezet. De afdeling van de zuigelingenvoeding heeft gedurende de gehele oorlog kunnen doordraaien.
Na de Tweede Wereldoorlog ontwikkelde Nutricia zich steeds meer tot een fabrikant van kennisintensieve voedingsmiddelen met een eigen afdeling Research en een proeffabriek. Naast voedingsmiddelen was bij Nutricia ook de goede service erg belangrijk. Zo werd er in 1950 een team van rondreizende diëtisten opgericht. Zij gaven medische voorlichting aan artsen en verloskundigen. In de jaren tachtig kreeg de huidige afdeling Klantenservice al gestalte. De produkten van Nutricia werden in het begin via speciale Nutricia winkels verkocht. Later werden de producten via supermarktorganisaties, drogisten en apotheken gedistribueerd. In 1946 verschijnen ook de eerste Olvarit groentemaaltijden op de markt, waarvan het assortiment, evenals van de pappen, in de loop der jaren sterk werd uitgebreid. In 1955 introduceerde Nutricia, als antwoord op de toenemende vraag naar gemaksvoeding, Nutrix, een instant kindermeel op basis van gekookte rijstebloem. In de zestiger jaren volgde Bambix. De vele technologische ontwikkelingen in de zestiger jaren zorgden voor vernieuwingen in de ziekenhuisvoeding. Dit leidde tot introductie van onder andere Nutri 2000 in 1970 en een complete voeding voor chronisch zieke mensen met ernstige voedingsproblemen en het Nutrison Pack in 1995. In 1966 werd N.V. Verenigde Bedrijven Nutricia opgericht en werd het bedrijf tevens onder deze naam aan de Beurs van Amsterdam genoteerd. Voorbeelden van belangrijke overnames waren Cow & Gate in 1981, de acquisities in Oost-Europa begin jaren negentig, de overname van Milupa in 1995 en de overname van het Amerikaanse General Nutrition Companies (GNC) in 1999, gevolgd door Enrich International en Rexall Sundown in 2000. Ook op het gebied van zuigelingenvoeding stonden de ontwikkeling niet stil en werden verschillende soorten Almiron geïntroduceerd. In 1991 wijzigde de naam Almiron in het huidige Nutrilon. Met het huidige assortiment baby- en kindervoeding kan Nutricia iedere baby een voeding bieden, dat geheel afgestemd is op de individuele behoeften van het kind. In 1997 ontving de Verenigde Bedrijven Nutricia het predikaat 'Koninklijke'. In januari 1998 werd de naam van Koninklijke N.V. Verenigde Bedrijven Nutricia gewijzigd in Koninklijke Numico N.V. om een duidelijk onderscheid te maken tussen de beursgenoteerde vennootschap en de dochterondernemingen. 60 Jaar na het bombardement op Nutricia onthulde burgemeester Waaijer op 30 maart 2005 een plaqutte ter herinnering.
Bron: Zoetermeer, een eeuw in foto's, Nutricia, Numico |